Deugt de mens of niet? The Goodness Paradox van Richard Wrangham

“The Goodness Paradox” is een boek dat veel inzicht geeft in de menselijke natuur. Richard Wrangham is een Britse primatoloog en antropoloog werkzaam aan Harvard. Hij onderzoekt al 40 jaar het gedrag van chimpansees en mensen. Daarbij focust hij zich onder andere op voeding en op gewelddadig gedrag.

De goedheidsparadox draait om de vraag die Hobbes en Rousseau zich reeds stelden: is de mens van nature eerder goed of eerder slecht? Wie nadenkt over deze vraag komt al snel tot de conclusie dat mensen tot de mooiste maar ook de gruwelijkste dingen in staat zijn. Zoals de psycholoog Steven Pinker schrijft in The Better Angels of Our Nature (2011): in ons schuilen zowel innerlijke demonen als goede engelen. Wrangham buigt zich over de vraag hoe dat komt: waarom hebben mensen deze twee tegengestelde polen? Wat is de evolutionaire verklaring hiervoor?

Veel menselijk kwaad vloeit voort uit onze agressieve neigingen. Wrangham benadrukt dat er twee soorten agressie: reactieve agressie en proactieve agressie.
De eerste soort agressie is impulsief, direct en ‘heetgebakerd‘. Een zit op café, een onverlaat beledigt zijn moeder en hij geeft hem een klap in zijn gezicht. De tweede soort, proactieve agressie, is op voorhand gepland en ‘koelbloedig‘. Iemand wil wraak nemen op een rivaal en steekt stiekem zijn autobanden plat. Extreme vormen van proactieve agressie zijn moord, oorlog (waarbij één partij een ruim overwicht heeft) en genocide.

Wrangham maakt de vergelijking tussen chimpansees en mensen. Als je 100 chimpansees samen in één ruimte zou zetten, komen er gegarandeerd vechtpartijen van. Mensen daarentegen kunnen gerust urenlang met 100 onbekenden in een ruimte zitten en vriendelijk met elkaar omgaan. Mensen zijn dus weinig ‘reactief’ agressief in vergelijking met chimpansees. Maar het omgekeerde geldt voor proactieve agressie. Onze soort pleegt erg vaak geweld op een koele, geplande manier. Het aantal mensen dat sterft door geplande agressie (moord, groepsgeweld, oorlog) is erg hoog in vergelijking met de meeste diersoorten. Het gemiddelde aantal doden door geweld bij mensen komt ongeveer overeen met dat van chimpansees.

Ook de manier waarop mensen en chimpansees soortgenoten doden vertoont een aantal overeenkomsten. Jonge mannelijke chimpansees patrouilleren de grensgebieden van hun territorium. Ze maken jacht op eenzame mannetjes van een naburige gemeenschap. Als ze zo’n eenzaam individu vinden breekt de hel los. Ze vermoorden de chimpansee vaak op gruwelijke wijze en eten hem soms op. Deze vorm van proactieve agressie doet denken aan criminele drugsbendes die hun territorium in een stad beschermen met brutaal geweld. Net zoals chimpansees zullen deze gangs er meestal voor zorgen dat ze een stevig numeriek overwicht hebben op hun rivalen vooraleer ze tot de aanval overgaan.

Mensen en chimpansees scoren dus beide hoog op proactieve agressie, maar hoe komt het dan dat mensen zo weinig reactief agressief zijn? Wrangham poneert een fascinerende theorie. Het is opvallend dat gedomesticeerde soorten minder agressief zijn dan hun wilde voorouders. Meer nog, het ‘domesticatiesyndroom’ is volgens gedragsbiologen een gevolg van een selectie tegen reactieve agressie. Dit blijkt uit de beroemde experimenten van de Russische gedragswetenschappers Dmitri Beljajev en Ludmila Trut. Beljajev besloot in de jaren 50 om zilvervossen te fokken en ze ‘genetisch tam’ te maken. Zilvervosjes die niet beten of gromden wanneer ze gevoederd werden, werden geselecteerd om verder mee te kweken. Na enkele generaties ontstonden er opvallende kenmerken. De vosjes kregen een kleiner, meer kinderlijk gezicht, een krulstaart, witte vlekken op hun vacht. Ook hun gedrag veranderde: ze waren minder bang van mensen en begonnen zelfs te blaffen. Al deze veranderingen zijn onderdeel van het domesticatiesyndroom.

Volgens Wrangham zijn mensen ook een product van domesticatie, meer bepaald ‘zelfdomesticatie’. Als je ons vergelijkt met Neanderthalers (een goede proxy voor onze pre-Homo sapiens-voorouder) dan valt het op dat onze schedel ronder is, ons gezicht minder naar voor steekt, onze tanden en kaken kleiner zijn en we minder zware botten hebben. Ook de verschillen tussen mannen en vrouwen zijn minder uitgesproken bij Homo sapiens dan bij de Neanderthaler: Homo sapiens-mannen zijn ‘vrouwelijker’ geworden in hun gezichtskenmerken. Mannen hebben in de loop der tijd minder zware wenkbrauwbogen gekregen bijvoorbeeld.

Hoe komt het dan dat we onszelf “genetisch tam” hebben gemaakt? Dit was uiteraard geen bewust proces, maar een gevolg van bepaalde selectiedrukken. Wrangham gebruikt hier een hypothese van de antropoloog Christopher Boehm (Moral Origins, 2012). Voor het overgrote deel van onze evolutionaire geschiedenis leefden we in kleine groepen (bands) van jager-verzamelaars. Een cruciale stap in onze evolutie was de ontwikkeling van een complex taalvermogen (hoe en waarom dat zich ontwikkelde is onderwerp van debat). Hierdoor konden we roddelen over anderen. Roddelen maakte coalities mogelijk tussen verschillende leden van de jager-verzamelaarsgroep. Als er een egoïstische bully of antisociale persoonlijkheid in de groep was – die bvb. andermans voedsel afpakte of seks had met andermans vrouwen – dan was de eerste strategie van de anderen om hem te bekritiseren, te shamen of belachelijk te maken. Soms was dit echter niet voldoende. Sommige individuen zullen doorgegaan zijn met hun egoistisch gedrag omdat het hen veel fitness-voordelen opleverde. Het laatste redmiddel van de andere leden bestond erin dat ze een coalitie sloten om hem te vermoorden. Volgens Wrangham kwam dit vaak genoeg voor om een diepgaand effect te hebben op onze gene pool. De meest agressieve, antisociale individuen werden door deze “doodstraffen” uitgefilterd. In hedendaagse jager-verzamelaarssamenlevingen worden mensen soms ook gedood omdat ze een bepaald cultureel taboe hebben geschonden. Wrangham vermoedt dat dit ook zo was honderdduizend jaar geleden. Het werd dus belangrijk om niet verdacht te worden van afwijkend gedrag. Op die manier werd conformisme een must. Ook door goed samen te werken en anderen te helpen kon je reputatiepunten winnen. Op die manier ontstond het complexe morele systeem dat alle menselijke samenlevingen vandaag bezitten.

Doordat bully’s werden weggeselecteerd door executies, werd in feite de zwaarste, reactieve agressie weggeselecteerd. Vandaag vertoont 1% van de menselijke populatie psychopathische kenmerken, maar bij onze voorouders lag dat aandeel veel hoger. Het gevolg is dat de mens een vriendelijkere soort is geworden.

Desondanks bezitten we ook een donkere kant: behalve de chimpansee is er geen enkel zoogdier dat zo vaak zijn eigen soortgenoten vermoordt. Toen we als jager-verzamelaars leefden was proactieve agressie voordelig in een aantal gevallen. Bij recente jager-verzamelaarssamenlevingen voeren oorlog door middel van raids, verrassingsaanvallen en hinderlagen. Ze sluipen ’s nachts of ’s morgens vroeg naar een naburige groep die ligt te slapen. Daarna doden ze de mannen, vrouwen en kinderen. Hierdoor kan de groep meer territorium en meer hulpbronnen veroveren. De kans dat de aanvallers zelf het leven laten is klein omdat ze hun vijanden bij verrassing nemen. Deze ‘asymmetrische oorlogvoering’ is dus veel minder risicovol dan symmetrische conflicten waarbij twee rivaliserende groepen ongeveer even sterk zijn. Symmetrische conflicten komen zelden voor. Als twee groepen jager-verzamelaars elkaar tegenkomen en geen van hen heeft een numeriek overwicht, zullen ze net als chimpansees wat bluffen, maar daarna de aftocht blazen. De kans om gewond te geraken of te sterven is voor beide kampen erg groot. Opnieuw zien we dat reactieve agressie – in tegenstelling tot proactieve agressie – geen voordeel oplevert.

Wrangham beschrijft onze dubbele natuur op een treffende manier. Hij is zeer erudiet en citeert een karrenvracht onderzoek om zijn theses te ondersteunen. Het is een bijzonder leerrijk boek dat dieper inzicht leidt in die bizarre soort genaamd Homo sapiens. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *