'Jupiler of Cara?' Het enigma van de vrije wil

Jupiler of Cara pils? Naar rechts gaan of naar links? Kinderen of geen kinderen? Een vete bijleggen of laten bestaan? Een mensenleven is een opeenvolging van miljoenen kleine en grote keuzes. In al die keuzes ligt het idee besloten dat we een vrije wil bezitten, dat het aan ons is om te beslissen en dat niemand het in onze plaats kan doen. Zonder vrije wil is niemand ooit verantwoordelijk: niet voor succes of falen, niet voor misdaden of heldendaden. Daarom is het een thema dat mensen, ook niet-filosofen, misschien wel voor eeuwig zal bezighouden.
decision-making-processes1
Stel je een piloot voor in een straaljager. Hij zit in de cockpit, draait aan zijn stuur en aan de knoppen. De piloot is volledig gefocust en ontspannen: hij heeft de volledige controle over het toestel. Hij weet precies wat hij doet en is voorbereid op elk mogelijk scenario. Niets van buitenaf stoort hem. Het weer is kalm en de hemel azuurblauw. Hij gaat recht op zijn doel af.
De straaljagerpiloot in dit voorbeeld is het prototype van een mens met vrije wil. Hij heeft volledige controle over elke precieze handeling die hij uitvoert. Niets of niemand belemmert hem daarin. Maar gaan we niet te snel? Verwarren we niet het bezitten van een vrije wil met het bezitten van een vrijheid. De fundamentele vraag is of de piloot een vrije wil had toen hij besloot om met de straaljager te gaan vliegen. Waarschijnlijk werd hij hiertoe bevolen door een overste. Had hij überhaupt wel een vrije wil toen hij koos om piloot te worden?
Cockpit2_2D
Een keuze uit vrije wil lijkt hetzelfde als een keuze ‘uit onszelf’. De oorsprong van de keuze moet in ons ‘zelf’ liggen en niet ergens ‘buiten ons’. Hier komen we dus bij de netelige vraag wat dit zelf juist inhoudt. Hoe ons lichaam en onze hersenen opgebouwd zijn ligt besloten in onze genen. Het genetisch recept waarmee we worden geboren is het product van een loterij, bepaald door de toevallige ontmoeting van twee personen, onze ouders. Tijdens onze opvoeding zijn we grotendeels een speelbal van de volwassenen die ons opvoeden. Wanneer we in de puberteit komen is ons gedrag sterk bepaald door allerlei hormonen en door groepsdruk. Onze lichamen hebben vaste ontwikkelingsstadia en onze hersenen en geest stappen in die stadia mee. Dit is bij uitstek zo voor een opgroeiend kind.
Ook al speelt toeval een grote rol in wie we zijn en tot wie we opgroeien, veel van die toevallige aspecten dringen toch binnen in ons zelfconcept. Ons karakter en ons lichaam is iets van onszelf, ook al hebben we het niet gekozen. Sommige aspecten zijn essentieel voor ons zelfbeeld, andere bijkomstig. Ons geslacht is essentieel voor ons gevoel van wie we zijn, de werking van onze darmflora eerder bijkomstig. Het bezitten van een sterke wil kunnen we aanzien als een essentieel aspect, de neiging om vettig voedsel te eten als iets bijkomstig, iets ‘waar we niet aan kunnen doen omdat we ermee geboren zijn’. Intuïtief maken we een onderscheid tussen eigen en vreemd, tussen binnen en buiten, waarbij ‘binnen’ de kern van onszelf voorstelt en ‘buiten’ staat voor alle factoren die ons determineren. Alles wat ons determineert beknot onze vrijheid en onze vrije wil.
In onze jeugd worden we door veel factoren gekneed. Maar zijn we, eens we volwassen zijn, dan niet autonoom om vrije keuzes te maken? Tegen dan moeten we niet meer naar onze ouders en onze leraars luisteren en hebben we een hele hoop kennis vergaard over de wereld. We zouden dus in staat moeten zijn om autonome keuzes te maken. De ontkenners van de vrije wil zeggen dat de invloeden van buitenaf ons blijven kneden. Bovendien zijn er elementen uit ons verleden, zoals trauma’s en associaties, die onze keuzes als volwassenen blijven tekenen.
014-Helping-a-child-be-emotionally-and-Physically-Healthy
Is er dan geen fundamenteel verschil tussen een hond en mij. Zijn mensen evengoed geprogrammeerd, zij het door een complexer netwerk van biologische, sociale, economische, … oorzaken? Hoe meer je naar de vrije wil kijkt, hoe meer hij lijkt te verdampen.
Aristoteles beweerde dat de mens bijzonder is doordat hij met rede begaafd is. Misschien is het deze vatbaarheid voor rede die ons een vrije wil kan geven. Als iemand iets idioots gaat doen, kunnen we hem ompraten. Dit is niet mogelijk bij een komeet die op ramkoers naar de aarde vliegt. We kunnen inzien dat bepaalde redeneringen steek houden en ons gedrag daarnaar wijzigen. Dit lijkt al sterk op een vrije wil. Onze rationaliteit is evengoed iets dat voor een stuk cultureel wordt bepaald. De rationaliteit van de Oude Grieken is anders dan die van de huidige westerling. Maar als we geloven in een kern van universele rationaliteit, kunnen we ook ons geloof in de vrije wil behouden.
Die vrije wil is beperkt. We kunnen onszelf zelden volledig heruitvinden. We moeten het doen met de genetische kaarten (en andere kaarten) die we bij onze geboorte hebben gekregen. Natuurwetten en sociale wetten geven ons soms weinig manoeuvreerruimte, maar dit wil niet zeggen dat we even hulpeloos zijn dan een kei of mossel. De wetten leggen ons beperkingen op, maar dat niet alleen. Ze laten ons ook toe het spel te spelen door regelmaat en orde te creëren, net zoals de spelregels van een kaartspel. Door onze rede en ons taalvermogen kunnen we bovendien vrijheid heroveren op onze biologische instincten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *